Gespreksavond over het Verdrag van Istanbul

Gespreksavond over het Verdrag van Istanbul

Tijdens een gespreksavond van de Soroptimistenclub Den Helder werd dinsdag aandacht gevraagd voor het Verdrag van Istanbul, dat geweld tegen vrouwen moet voorkomen. Hoofdspreker Marianne Doze maakte duidelijk dat gemeenten verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van dit verdrag — iets waar de meeste aanwezige raads- en commissieleden (allen vrouwen) niet van op de hoogte bleken te zijn.



    Hoewel het verdrag al sinds 2016 in Nederland geldt, heeft gebrekkige communicatie vanuit Den Haag ertoe geleid dat veel gemeenten zich niet bewust zijn van hun rol.

    Jane Lobles (CDA), die de afgelopen vier jaar de portefeuille Emancipatie en Vrouwenopvang beheerde, noemde het “pijnlijk” dat zij hier niet van wist. Volgens Doze faalt Nederland in de implementatie omdat er vooral aan symptoombestrijding wordt gedaan: projecten worden opgezet en weer beëindigd door gebrek aan structurele middelen en langetermijnvisie. Organisaties als Veilig Thuis en de Vrouwenopvang werden geprezen voor hun werk, maar ook “fopeend” genoemd omdat ze enkel gevolgen bestrijden, niet de oorzaak. Karin Hofland, bestuurder van Stichting Vrouwenopvang Kop van Noord-Holland, pleitte voor structureel beleid dat de onderliggende ongelijkheid tussen mannen en vrouwen aanpakt.

    Landen als Italië, Groot-Brittannië en Spanje lopen inmiddels voor op Nederland qua geweldpreventie. De aanwezige politici waren het partijoverstijgend eens dat het verdrag meegenomen moet worden in de komende raadsplannen — een eerste stap richting invoering in Den Helder, na de gemeenteraadsverkiezingen van 18 maart.

    In het Noordhollands Dagblad van 7 maart werd uitgebried verslag gedaan van de avond. Hieronder het artikel.